Spelen in de zandbak (album 92, 93, 94)

4 juli 2018 - Auckland, Nieuw-Zeeland

Nazca
Er gaat een wereld voor me open, ik heb nooit geweten dat ik me ook zonder emmertje en schepje kan vermaken in een zandbak. Al smaken de zandtaartjes overal hetzelfde en haat ik zand tussen m’n tenen, wat is het hier vermakelijk! 
Om te beginnen in Nazca, waar de wereldberoemde lijnen in het zand te vinden zijn. Kinderlijke tekeningen van een aap, walvis, boom, spin en wat vogels klinkt in eerste instantie niet bepaald wonderlijk. Dus enigszins sceptisch komen we na een lange nachtrit aan bij de zandbak van Peru. Nog half onder zeil van de slaappil -een hele was net teveel- strompel ik de bus uit, regelrecht een zandstorm in. Een zandstorm zonder zand, maar met heel veel hitsige en overdreven fanatieke vluchtverkopers. Poehee, rustaaghhh, het is zeven uur gasten, back off! Ze laten zich absoluut niet wegjagen, ze negeren mijn ‘Stop hou op, ik vind het niet leuk’ compleet, net zo lang tot ze beethebben. Terwijl ik naar de wc vlucht voor mijn ochtendlozing, heeft Thomas namelijk gehapt bij een van de jagers. Hij weet een mooie deal te sluiten voor een vlucht van 40 minuten. 40 minuten?! Meine geute. Mij lijkt twintig minuten bochtjes draaien in zo’n klein vliegtuigje al misselijkmakend zat… Afijn, het is al besloten, dus ik geef me eraan over. Zo’n 45 minuten later nemen we al plaats achter de piloot en zijn lieftallige assistent. Ze zijn duidelijk verliefd op elkaar, schattig! Zolang het maar niet teveel naar hun hoofd stijgt, vind ik alles best. 
We krijgen een kaart met daarop de tekeningen die we onder ons in de zandvlakte moeten gaan spotten. Easy peasy kevertje. Moeiteloos strepen we figuren van de kaart en ik vraag me af wat we nu gewonnen hebben? 

Hoe dan?
Sommige objecten hebben een omtrek van 300 meter en de lijnen zijn kaasrecht en volledig geometrisch aangebracht. Door deze grootte zijn ze alleen vanuit de lucht in zijn geheel te bewonderen. Had ik al gezegd dat deze tekeningen al 200 jaar vóór Christus gemaakt zijn? Hoe dan? Kijk, hier wordt het interessant. Hoewel mijn maag steeds meer begint te protesteren, raak ik eindelijk geboeid. Hoe hebben ze dit destijds zonder degelijke hulmiddelen en zonder vliegtuigen kunnen maken? En waarom in godsnaam? Op beide vragen weet niemand een eenduidig antwoord. Er zijn zelfs theorieën die spreken over buitenaardse activiteiten. Eén van de tekeningen wordt bestempeld als zijnde een astronaut. Maar gezien André Kuipers en zijn kornuiten twee duizend jaar geleden nog niet bestonden, roept het de nodige vraagtekens op. Ik vind het maar bijzonder en ben blij dat we dit vluchtje gedaan hebben. Nog blijer ben ik als we weer geland zijn, met beide benen op de grond. Man, dat scheelde niet veel of ik had een braakje gelegd in de nek van de piloot en een einde gemaakt aan hun romance. De twee Japanners achter ons hebben zich overigens niet kunnen inhouden, maar weten gelukkig onze nek wel te ontzien… Eind goed, al goed. 

Een misser
Naast deze lijnen is er in Nazca niet veel te beleven. Ja, er is een mummiebegraafplaats in de buurt waar je de mummies kan zien liggen, maar om die nou te gaan bekijken? Jarenlang zijn er door grafrovers waardevolle spullen van de mummies gejat en de graftombes zijn daarbij beschadigd -stelletje asociale aasgieren! Niet echt een vrolijke bedoening en mede door onze stervende oma zijn we hier niet voldoende voor in de stemming. Dus pakken we meteen de bus naar the next level, Huacachina. Na een uurtje rijden worden we in een troosteloos dorpje eruit geflikkerd. Hier ergens zou het oasedorpje moeten zijn. Tussen de verlaten en kapotte gebouwen vinden we een tentje waar we kunnen lunchen. Want, ga nooit met een lege maag en dorst de woestijn in. Als we voldoende gehydrateerd en doorvoed zijn, vangen we een wilde kameel en trekken we dagenlang door de eindeloze zandheuvels en komen we uitgeteld aan bij ons verblijf. In werkelijkheid brengt een gare tuktuk ons in nog geen tien minuten naar deze plek, maar dat klinkt zo gewoontjes. 
We parkeren onze kameel, installeren ons in de fijne hotelkamer en nemen eindelijk een duik in het verkoelende zwembad. Ik hoor mijn huid sissen, als een stukje vlees dat afgeblust wordt. Zo fucking heet is het hier! We genieten van het water en slapen wat bij in de schaduw. Verder valt er weinig te spelen in dit stukje van de zandbak, we hebben hier duidelijk een misser te pakken. 

Van suffe hut naar bruisend Banana hostel 
Van onze reisvriendinnen Mirthe en Esther krijgen we jaloersmakende foto’s van hun onderkomen, drie kilometer verderop. Een megagezellig, bruisend hostel waar je met heerlijke cocktails kunt vertoeven aan het zwembad. We besluiten daar vanavond te gaan eten -we hebben overigens geen keus, want in deze verlaten hut valt nog geen tosti te halen. 
We worden verwelkomd door palmbladeren, rieten dakjes, gezellige mensen, een Latino muziekje, een grote bar en een prima menukaart. We hebben ons drankje nog niet besteld of Thomas heeft al geregeld dat we morgennacht hier tukken, ons huidige hotelletje wordt per direct gecanceld. Man, wat een dolle boel hier. Het leuke is dat je hier een activiteit krijgt bij je overnachting… 

Buggy rijden
Een zandbakavontuur is niet compleet als je -net als vroeger- geen ritje maakt in een buggy. Alleen staat bij deze buggy niet je moeder aan het roer en word je niet rustig in slaap gewiegd. Nee, dit apparaat wordt aangestuurd door een grenzeloze waaghals en van een powernap is dus sowieso geen sprake. Met zo’n 50 km per uur dendert de vierwieler door de hoge duinen alsof het een snelweg is. Net als je even denkt ‘eindelijk, we hebben pauze’, word je vastgebonden aan een sandboard en een tientallen meters hoge duin afgebonjourd. Heavy shit. Beduusd kom ik beneden aan, ik geloof dat het er in Namibië destijds iets rustiger aan toe ging. Hoewel, toen haalden we geloof ik ook de 70 km per uur (toch Eva? Of overdrijf ik weer ‘ns?). 
Van kruin tot teen zit ik onder het zand, mijn bh is uitgegroeid tot cup G, mijn traanbuizen zitten verstopt en zelfs de gaatjes in mijn kiezen zijn gevuld met zand. Hier had ik niet op gerekend, anders had ik wel gekozen voor een shirtje met sluitend decolleté en iets van een sjaaltje voor mijn mond. Gelukkig staan er nog maar drie duinen op me te wachten... Waar ik ook niet op gerekend heb, is dat we dat hele pleuriseind weer terug naar boven moeten lopen. Waarom komt die buggy ons niet even halen?! Ik denk dat mijn longen ook vol zand zitten, want na elke stap waarbij ik mezelf omhoog hijs, moet ik tien keer naar lucht happen. De rest loopt overigens -wederom- fluitend naar boven. Zo rood als een tomaat en snakkend naar een beetje lucht en een slokje water, sleep ik mezelf naar de buggy. Niet mijn meest charmante finish zal ik maar zeggen. 

Oase
Langzaam kom ik al hobbelend bij zinnen als we bij de ‘oase’ zijn aangekomen. Het dorpje Huacachina ligt midden in de zandduinen met in het midden een meertje met er omheen palmbomen, een heuse oase dus. Net als ik neer wil gaan ploffen, komen m’n reispartners op het fijne idee om boven op ‘die duin daar’ naar de zonsondergang te gaan kijken. Ach ja, waarom ook niet, het is maar een klein klimmetje.
Of toch niet. Tering hee, we hebben nog geen kwart achter de rug als ik mijn tong van schoenen moet afpeuteren. Niet dat ik schoenen aan heb, maar verder is er geen woord van gelogen. Hoe kan het toch dat iedereen hier als ware woestijnratten naar boven huppelt, terwijl ik me voortbeweeg als een kreupele, oververhitte olifant?! Ik kan wel janken. En ook al zou dat in een zandbak vol spelende kinders niet eens misstaan, ik weet het godzijdank droog te houden. 

Zo kan het dus ook
Gelukkig worden we beloond met een prachtige zonsondergang. Zonsondergang numero 138 denk ik? Stiekem vind ik er niet veel aan, al geniet ik wel van deze plek en dat mag potdikkie ook wel na zo’n allerjezus zuigende klim. Terug gaat het een stuk makkelijker. Als een stel blije lammetjes in de lente rennen we naar beneden. Deze keer is het rulle zand m’n beste vriend, m’n steun en toeverlaat. Met mijn volle gewicht laat ik mezelf bij elke stap tientallen centimeters in het zand zakken waardoor ik niet omval, ideaal en precies wat ik nodig heb. Zo kan het dus ook. 

Nothingbox
Als we ook hier weer uitgespeeld zijn, gaan we door naar Pisco. Een plaatsje aan de kust met als hoofdactiviteit de zandbak van Paracas. Het is echter niet alleen maar grenzeloos vertier in de zandbak, want we hebben te horen gekregen dat het heel slecht gaat met de oma van Thomas. Dat het niet goed gaat weten we al een poosje, maar nu kan ze daadwerkelijk elk moment overlijden. Thomas heeft daarom ook even geen zin om in de zandbak te spelen en gaat niet met me mee naar Paracas. In plaats daarvan gaat hij liever in zijn eentje naar de zee waar hij eindeloos in kan staren. Hij zit in zijn nothingbox waar ik hem uiteraard en met alle liefde zijn eigen gang laat gaan. 
Ik heb te maken met een andere vorm van een nothingbox, namelijk een lege portemonnee. Thomas regelt altijd alle geldzaken en ik heb daardoor nooit een portemonnee bij me. Op zich prima, maar als ik zonder Thomas op pad ga is dat dus niet heel handig. Gelukkig is de gids van mijn tour erg meewerkend en schiet het e.e.a. voor me voor. Wel heb ik mijn creditcard bij me, waardoor ik flink kan uitpakken bij de lunch. Ik krijg de lekkerste visgerechtjes voorgeschoteld terwijl ik geniet van het prachtige uitzicht op de zee en rotsformaties. De harde wind is heerlijk verkoelend en de vogels die hier leven laten zich er mooi op voortbewegen. Wat een mooi stukje van Peru is dit! 

Oma
Een dagje later krijgen we het onvermijdelijke telefoontje; oma De Vilder is overleden. Gevolgd door een mix van opluchtging, verdriet en vastberadenheid; we gaan terug naar Nederland. Busritten en vluchten richting Ecuador en Galapagos worden geannuleerd en de vlucht naar Nederland wordt geregeld. Over drie dagen vertrekken we vanuit Lima naar Amsterdam, voor de tweede keer tijdens onze reis gaan we naar huis. Voor nu verlaten we de zandbak, kloppen het zand van onze handen en zoeven we in een klap van een vrije speelmodus naar een droevige realiteit. Oma is dood. 

Liefs van ons!


Lieve oma, inmiddels is de reis alweer een paar weken achter de rug en hebben we een hele fijne échte thuiskomst gehad! Het is gek om een ruim twee maanden later nog zo te schrijven over iets heftigs wat al even geleden is. Dat zal de komende verhalen niet anders zijn, al hebben we ook nog veel fijne en leuke dingen meegemaakt die net zo goed woorden op papier verdienen! 

- Back off = rustig aan, stapje terug aub

- Easy peasy kevertje (je zegt iesie piesie) = makkie. Dat kevertje slaat overigens nergens op, maar vind ik vooral leuk om te zeggen.

- the next level = op naar het volgende avontuur

- Latino muziekje = een zomers muziekje met vrolijke deuntjes

- Gecanceld = geannuleerd

- Buggy = in dit geval een grote ‘skelter’ waar tien man in past en met hele grote wielen die makkelijk door het zand kunnen. 

- Powernap = een dutje

- Heavy shit = heftig

Foto’s

3 Reacties

  1. Elly van Genderen:
    5 juli 2018
    Heerlijk om jullie weer thuis te hebben, verdrietig om de oma's die er niet meer zijn, genieten toch van dit verhaal. Zand en water, kind en groot mensenkind, wie houd er nu niet van. Zandkastelen, luchtkastelen, zonsondergangen wat evver, de wereld is zo mooi.😍
  2. Linda:
    7 juli 2018
    Wat leuk dat je nu weer op reis bent en dan juist weer met een verhaal komt.
    En dit keer heel herkenbaar voor mij, omdat ik er ook geweest ben. Ook ik kon me maar net inhouden bij nasza ;-)
    Leuk verhaal, met helaas een droevig einde. X
  3. Eva:
    7 juli 2018
    Zo, even een paar verhalen bijgelezen ;). Ik moest het even opzoeken, 60km per uur ongeveer. Ik kan me wel veel zand herinneren, maar zo extreem als jij nu beschrijft was het volgens mij bij ons toen niet ;). Alleen dat omhoog lopen vond ik één duin op al pittig genoeg. Mocht je het zand missen, mag je best een keertje met de meisjes in de zandbak komen spelen hoor :)!
    Een naar einde...en er komt nog meer...minder leuk om her te beleven :(

Jouw reactie